Bij een waardevol pakket vinden we het vanzelfsprekend dat er een label wordt aangebracht dat anderen waarschuwt dat er voorzichtig mee moet worden omgegaan.  Maar als het om mensen gaat, lijkt het niet zo belangrijk dat anderen er voortdurend aan herinnerd worden dat deze kwetsbaar zijn en een beperkte levensduur hebben.  Het is geen goed idee om te leven vanuit de gedachte dat we onsterfelijk zijn en dat alles wel goed komt – om achteraf te moeten vaststellen dat we toch kwetsbaarder zijn dan we aanvankelijk dachten.  Slechts één verkeersongeval of doktersverslag, is voldoende om ons eraan te herinneren dat het leven hier op aarde uiterst onzeker is.  Er zijn geen garanties!  Niemand van ons kan zeker zijn van de volgende seconde in zijn leven.  En ook al komt er nog een volgende seconde, minuut, dag of jaar, toch blijven we in de hele geschiedenis maar een damp, die heel even verschijnt en dan al verdwijnt[i].  Iedereen sterft vroeg of laat!

Als iemand heel jong sterft raken we makkelijker van streek dan wanneer iemand op respectabele leeftijd het leven laat.  Toch stellen beide levens amper iets voor in de totale geschiedenis.  Moesten we een tijdsbalk maken van de hele geschiedenis van de mensheid zoals wij die tot nu toe kennen, zou het weinig verschil uitmaken of iemand 10 of 100 jaar heeft geleefd en zouden we daarbij vaststellen dat er een meer tijd voorbij is gegaan zonder deze persoon dan met deze persoon.

‘Leer ons zó onze dagen tellen, dat wij een wijs hart verkrijgen[ii].’

Leef niet van weekend tot weekend of van vakantie tot vakantie, maar van dag tot dag.  Zie iedere dag als een onverdiend geschenk dat benut mag worden.  Dankbaar zijn voor ieder moment in je leven brengt veel vrede, maar houdt ook in dat er iemand moet zijn waar je dankbaar naar kunt zijn.  Iemand waaraan je jouw leven hebt te danken.

‘Als de Heere wil en wij leven, dan zullen wij dit of dat doen[iii].’

Hier haken veel mensen af.  Bij een overlijden van een dierbaar iemand valt het enorm op dat nabestaanden zich verdiepen in het leven van de overleden persoon, van aan de geboorte tot aan de grafplaats worden momenten beschreven en gedeeld over deze persoon.  Mensen vormen zich tot experts van het leven van de overledene.  Iedere herinnering en beleving wordt volledig ontrafeld en op zijn plaats gezet.  Maar daar stopt het dan ook.  Weinig wordt er stilgestaan bij het verdere leven na de dood.  Nochtans heeft iedereen deze persoon ooit gekend als een lichaam met een ziel en staren ze nu allen naar een levenloos lichaam zonder ziel.  Toch wordt er niet naarstig op zoek gegaan naar de plaats waar die ziel nu verblijft.  Vanzelfsprekend wordt aangenomen dat het nu wel veel beter zal zijn met hem of haar, maar of dit werkelijk zo is wordt niet onderzocht.

Jezus stelde duidelijk dat we de dood niet het meest moesten vrezen maar veeleer bevreesd moesten zijn voor Hem Die zowel ziel als lichaam te gronde kan richten in de hel[iv].  Onlangs stierf iemands grootmoeder.  ‘Ze is rustig ingeslapen’, zei hij, ‘voor zulk een dood teken ik dadelijk.’  Op zich een hele geruststellende gedachte, maar anderzijds ook heel kortzichtig.  De manier waarop je sterft bepaalt namelijk je eindbestemming niet.  Het is niet zo dat mensen die op een tragische manier sterven er sowieso slechter aan toe zijn dan mensen die in alle rust inslapen.  Wat wel bepalend is of iemand al dan niet beter af is na zijn dood, is hoe hij voor Zijn Schepper komt te staan.  Hij die het lichaam en de ziel geschapen heeft, heeft alle macht om te bepalen waar deze ziel uiteindelijk zal verblijven.  Hoe weinig mensen staan hier dagelijks bij stil?!    ‘Ja maar’, denk je dan misschien, ‘ik geloof niet in leven na de dood.’  Waarom vrees je dan zelf de dood en doet het je verdriet wanneer er geliefden sterven?  Overtuigt je geweten je niet van een God die zal oordelen[v]?

De Bijbel leert dat God de mens niet heeft gemaakt om te sterven, maar om een eeuwigheid met Hem te mogen leven.  Maar ook dat de mens ervoor koos om zich tegen zijn Schepper te keren waardoor hij een zondige natuur kreeg.  Ieder mens is daardoor van nature een zondaar[vi].  Niemand wordt geleerd hoe te zondigen, dat doet iedereen vanzelf, ongeacht leeftijd of huidskleur.  Het loon van de zonde is de dood[vii].  Niet enkel een scheiding van ziel en lichaam, maar bovenal een scheiding tussen God en mens[viii].  Omdat God van Zijn schepping houdt heeft Hij Jezus, Zijn Zoon, mens laten worden om te lijden en te sterven aan het kruis.  Aan dat kruis droeg Hij de straf van allen die berouw hebben van hun zonden, zich ervan bekeren en op Hem vertrouwen als Verlosser van hun zonden[ix].  Wanneer deze mensen dan voor God als Rechter zouden komen te staan, is er geen veroordeling meer omdat dit oordeel destijds al heeft plaatsgevonden aan dat kruis waar Jezus hing.  Jezus kwam tussen God de Vader en hen staan en nam de volledige toorn die zij verdienden op zich.  Dat is wat de Bijbel leert.

Hierdoor kunnen deze mensen door hun geloof in Jezus Christus wandelen met een rein geweten en hoeven ze de dood niet meer te vrezen.  Hoe zwaar de omstandigheden dan ook mogen worden, ze kunnen steeds erop vertrouwen dat het beste nog moet komen en er niets gebeuren zal, dat de almachtige God niet ten goede gebruikt voor hun[x].  Leven in vrede, begint in je hart en wordt bepaald door je relatie met je Schepper.  Dat is Zijn ontwerp waar je niet omheen kunt.

Wat staat jou nu te doen?

  • Geloof
    “Geloof in de Here Jezus en u zal gered worden” (Handelingen 16:31).
  • Bekeer je van je zonden
    “Maar als gij u niet bekeert, zult gij allen evenzo omkomen” (Lucas 13:3).
  • Belijd je zonden aan Jezus
    “Want er is een God en ook een middelaar tussen God en mensen, de mens Christus Jezus” (1Timotheüs 2:5).
  • Belijd Jezus als je Heer
     “Want indien gij met uw mond belijdt, dat Jezus Heer is, en met uw hart gelooft, dat God Hem uit de doden heeft opgewekt, zult gij behouden worden” (Romeinen 10:9).
  • Belijd Jezus voor anderen
    “Want indien gij met uw mond belijdt, dat Jezus Heer is, en met uw hart gelooft, dat God Hem uit de doden heeft opgewekt, zult gij behouden worden” (Romeinen 10:9).
  • Je hebt zekerheid
    “Voorwaar, voorwaar, Ik zeg u: Wie gelooft, heeft eeuwig leven” (Johannes 6:47).
  • Sluit je aan bij een gemeente/kerk waarin God wordt geëerd en gediend en de Bijbel wordt onderwezen (Hebreeën 10:25).
  • Doe het vandaag en stel het niet uit totdat je einddatum verstreken is!

‘Ik heb lief wie Mij liefhebben,  en wie Mij ernstig zoeken, zullen Mij vinden.’ (~God, Spreuken 8:17)