Heiliging, handelen en wandelen als Jezus, het goede doen, de juiste beslissingen maken, een voorbeeld zijn, zout zijn op de aarde, licht zijn onder de mensen, een zuiver geweten hebben, … allemaal kenmerken die bij een godsvruchtig persoon horen.  Allemaal vruchten die pas na de wedergeboorte naar voren komen dankzij het werk van de Heilige Geest.  Hij die vanaf het prille begin van onze bekering in ons woont (2Kor.1:22; 5:5).  Ieder goed werk dat we doen, iedere stap die we zetten is pure genade.  Iets waarvoor alle roem en eer aan God toekomt, want zonder dat Hij ons de kracht zou geven of zonder dat Hij het zou willen, gebeurde er niets en konden we ook niets doen.

Want wie onderscheidt u? En wat hebt gij, dat gij niet ontvangen hebt? En indien gij het dan ontvangen hebt, wat beroemt gij u, alsof gij het niet ontvangen had? (1Kor.4:7)

En toch… is voor mij iedere dag een strijd.  24/7 Lijkt het een knokken te zijn om de dingen te doen waarvan ik weet dat ik ze hoor te doen.  Vaak zegt enkel mijn geweten ‘ja’ of  ‘mja… ’t zou beter kunnen’ en alle andere delen van mijn lichaam ‘nope’.  Klinkt dit jou een beetje bekend in de oren?  Misschien in een andere vorm, maar uiteindelijk kan iedere christen zich op een of andere manier wel mee identificeren.  Zelfs Paulus beschrijft iets soortgelijks in Romeinen 7.

Is dit wel normaal?  Is dit ploeteren wel juist?  Ben ik wel goed bezig als iedere dag een moddergevecht lijkt met ‘me, myself and I’?  Waar blijft die Heilige Geest waardoor ik als ‘prins’ door de straten kan triomferen en de mensen die mij bezig zien zullen zeggen ‘waauw… wat is dat voor een prachtig persoon, als er iemand de hemel verdient is hij het wel!’

Wijsheid komt NIET met de jaren

‘Wijsheid komt met de jaren’ zegt men wel eens.  Toch spreekt Spreuken over ‘oude dwazen’.  Dus ‘met de jaren’, schrap dat maar en vervang het maar door ‘met je groei in heiliging’.  Niet zomaar zegt Spreuken 9:10: ‘De vreze des HEREN is het begin der wijsheid…’ .  Hierdoor lopen er dus aarde wijze mannen rond van 20 jaar en sterven er oude dwazen van 80 jaar oud.  Wijsheid heeft niets te maken met de leeftijd, denk maar aan Timotheüs die als een jonge man enorme verantwoordelijkheden kreeg en opnam en waarvan Paulus zei dat ze hem niet gering moesten schatten omwille van zijn jeugdige leeftijd (1Tim.4:12).  Zo kan dus ook ieder kind van de Heer stellig zeggen dat hij/zij ook een bepaalde hoeveelheid aan wijsheid bezit, ook als is hij/zij nog maar net bekeerd… dat is net waar de wijsheid begint te groeien!  Wijsheid kan je omschrijven als ‘het kunnen toepassen van kennis door je inzicht en verstand’. Zo kan iemand wel enorm veel kennis bezitten, maar dat maakt hem nog geen wijs persoon.  Daarom ook dat een goddeloze nooit ware wijsheid kan hebben.  Hij kan wel enorm veel feiten kennen, maar zal ze nooit allemaal juist op een rijtje kunnen zetten of plaatsen omdat hij simpelweg geen besef heeft van het doel en het tot stand komen van alles in de hemelen en op aarde.

De Bijbel, het werkboek van de Heilige Geest

Waarom zoveel over wijsheid terwijl we begonnen waren met ons moddergevecht met ‘me, myself and I’?  We vroegen ons toch af of we nog wel kunnen spreken over ‘werk van de Heilige Geest’ in ons leven als dat toch nog steeds iedere dag een knokken blijkt te zijn.

De Bijbel werkt niet zonder de Heilige Geest, maar de Heilige Geest werkt ook niet zonder de Bijbel.

Hiermee bedoel ik niet dat Gods Geest geen wonderlijke, voor ons zelfs onbegrijpelijke en onzichtbare, werken kan doen.  Neen, wat ik wil zeggen is dat de Bijbel voor ons het medium is waardoor God tot ons spreekt.  Het is het werk van de Heilige Geest die onze geest en verstand verlicht iedere keer als wij gaan graven in Zijn Woord. Dit wil dan ook zeggen dat we diezelfde Geest voor een groot stuk het zwijgen opleggen als wij het nalaten om te gaan spitten in Gods Woord.  Besef je nu even hoe belangrijk het leren kennen van de Bijbel is?

De Bijbel is van kaft tot kaft een beschrijving van wie God is, hoe Hij denkt, hoe Hij handelt tegenover wie de mens is, hoe hij denkt en hoe hij handelt.  We leren Gods karakter kennen en onnoemelijk veel geboden en principes die hieruit voortvloeien.  Zo leren we ook hoe wij als mens horen te leven en hoe wij als christenen zullen leven.  Om hetgeen we in ons hoofd opslaan naar ons hart te laten dringen, hebben we de Geest nodig die ons overtuigd.

…want God is het, die om zijn welbehagen zowel het willen als het werken in u werkt. (Fil.2:13)

Het ‘Gumnazo-principe’

Om hetgeen dat in onze harten zit naar onze handen te brengen, dus tot uitvoer te laten komen, hebben we wijsheid nodig.  We hebben inzicht en verstand nodig om de kennis die we opdoen, door het bestuderen van Gods Woord, om te zetten in praktijk.  Dit wordt ook wel godsvrucht genoemd in de Bijbel en dat krijg je niet zomaar.  Dat is niet zomaar iets dat je op straat kan vinden, iets dat tot je komt terwijl je op de zetel ‘hangt’ te suffen of terwijl je op het internet zit te surfen naar… niets.  Het is ook niet iets dat tot je komt door iedere zondag met een mooie rechte rug op de stoeltjes in de kerk te zitten.  Wijsheid, godsvrucht en heiliging zijn prachtige parels waar hard voor gewerkt moet worden. Knokken, knokken en nog eens knokken.  Waarom denk je dat Paulus spreekt over het ‘volharden’ in je geloof (2Tim.2:12)?  Omdat het tijd, energie en moeite van je vraagt.

Maar hoe?  Al zo vaak heb ik pogingen gedaan om van links naar rechts te springen.  Om te kappen met mijn zonde en voortaan enkel nog maar te leven zoals het een heilige past.  Maar telkens weer opnieuw beland ik in het drijfzand van de verleidingen en moet mijn Redder mij weer bij de hand nemen om me er uit te trekken.  Toch blijft er een verlangen om zo ver als ik kan naar rechts te springen en te handelen en wandelen op een manier die weerspiegelt van wie God is in mij.

Ooit al een gehoord van het ‘Gumnazo-Principe’?  Wel ik heb het ook slechts leren kennen door het lezen van een boek van Lou Priolo over het opvoeden van je kinderen met het Woord van God.  Of anders gezegd, opvoeden zoals God het ook doet met ons.  ‘Gumnazo’ is het Grieks woord dat wij vertalen als ‘oefenen’ of ‘trainen’.  In het Engels wordt het vertaald als ‘discipline’.  Van dit woord zijn de woorden ‘gymnasium’ of ‘gymnastiek’ afgeleid.  Letterlijk betekend het ‘krachtig oefenen’.  Als we oefenen gaan opzoeken in onze VanDale wordt het als volgt omschreven: ‘voortdurend met iets bezig zijn; bekwaam maken door herhalen’.

Wat heeft dit mooie, dure woord (waar je op straat zeker 10€ voor krijgt 😉 ) te maken met wijsheid, werk van de Geest, mijn geploeter enz…  Wel… als we enkele teksten gaan opzoeken waarin dit woord gebruikt wordt, zal snel duidelijk worden dat dit woord een sleutelwoord is voor je groei naar het beeld van Jezus.  Ook geeft dit woord bemoediging en een schouderklop voor eenieder die ernstig worstelt met zijn wandel met de Here.

Oefen (gumnazo) u in de godsvrucht. Want de oefening van het lichaam is van weinig nut, doch de godsvrucht is nuttig tot alles, daar zij een belofte inhoudt van leven, in heden en toekomst. (1Tim.4:7-8)

Waauw… zie jij dit ook?  Godsvrucht is niet iets dat ik samen met de zekerheid van mijn redding krijg… neen… godsvrucht is iets dat ik kan/moet oefenen.  Wil ik als christen godsvruchtig worden, moet ik me hierin gaan oefenen, dan moet ik me hier voortdurend mee bezig houden, dan moet ik me daar bekwaam in maken door dit steeds te herhalen. Zo word je dus godsvruchtig.  Dat wil dus ook zeggen dat ik een christen kan zijn, die momenteel maar weinig godsvruchtig is, omdat ik hierin nog moet oefenen.

Het principe is vergelijkbaar met een jonge knaap die zich heeft voorgenomen om gewichtheffer te worden.  Hij stapt voor het eerst de gymzaal binnen en ziet daar een grote halter van 40kg liggen.  Vol goede moed loopt hij er naar toe met de bedoeling deze halter te overmeesteren en op te tillen.  Tot zijn grote verwondering merkt hij dat de halter met de beste wil van de wereld maar 10 cm van de grond raakt.  Vervolgens probeert hij een halter van 25kg en merkt dat hij deze halter 12 keer boven zijn hoofd krijgt gedrukt.  Gedurende één week richt hij zich op deze halter van 25kg en drukt hem dagelijks 12 keer boven zijn hoofd.  Na die week probeert hij een halter van 30kg en merkt dat hij nu deze halter met dezelfde inspanning 12 keer omhoog krijgt gedrukt.  Zo herhaalt hij ook deze oefening weer gedurende een week.  Terwijl hij deze oefeningen dagelijks herhaalt, worden zijn spieren sterker en slaagt hij er langzaam maar zeker in om zwaardere halters omhoog te drukken.  Na twee jaren van intensief trainen is hij op een niveau gekomen dat hij met gemak 90kg kan drukken.  Hij denkt nu even terug aan de eerste halter van 40kg die hij niet kon tillen en die hij nu met één arm omhoog krijgt gedrukt.  Zijn spieren zijn zo gegroeid, dat wat eens onmogelijk bleek te zijn, nu een fluitje van een cent is geworden.  Allemaal door het oefenen, gymnazo.  Dit is exact wat er met ons gebeurd als wij ons oefenen in de godsvrucht.  Wat ooit onmogelijk leek, wordt makkelijk.  Als het ware een tweede natuur van je, iets dat bij jou hoort.

Want ieder, die nog van melk leeft, heeft geen weet van de rechte prediking hij is nog een zuigeling. Maar de vaste spijs is voor de volwassenen, die door het gebruik (hexis) hun zinnen geoefend (gumnazo) hebben in het onderscheiden van goed en kwaad. (Heb.5:13-14)

De context van dit vers is een vermaning.  Sommige van de Hebreeuwse christenen waren nog steeds niet bekwaam om anderen te onderwijzen, terwijl ze dat (rekening houdend met de tijd die ze al hadden gehad om te groeien naar volwassenheid in Christus) al lang moesten zijn.  Voor deze mensen was deze vermaning.  De schrijver vergelijkt hier de groei van kinderen met de groei van christenen.  Hij gaat er van uit dat de lezer het essentiële en universele principe van opvoeding begrijpt, namelijk ‘training’.  Twee Griekse woorden, gebruikt in deze tekst, omschrijven het ‘Gumnazo-Principe’.  Het eerste woord is ‘gumnazo’, wat op dezelfde manier wordt gebruikt als in 1Tim.4:7 en dus slaat op het oefenen.  Het tweede woord is ‘hexis’, wat in de NBG vertaald wordt als ‘gebruik’, de SV als ‘gewoonheid’ en de NBV als ‘ervaring’.  Het woord betekend letterlijk: ‘een gewoonte van lichaam of ziel, ervaring, routine’.  Vrij vertaald dus een gewoonte of handeling die aangekweekt is door aanhoudende oefeningen zodat het een tweede natuur wordt.

Want alle tucht schijnt op het ogenblik zelf geen vreugde, maar smart te brengen, doch later brengt zij hun, die erdoor geoefend (gumnazo) zijn, een vreedzame vrucht, die bestaat in gerechtigheid. (Heb.12:11)

De context van deze tekst is: ‘hoe omgaan met een tuchtiging van God’.  De schrijver spoort zijn lezers aan om de tuchtiging van de Here te doorstaan, wetende dat dit ‘vreedzame vruchten van gerechtigheid’ zal voortbrengen voor diegenen die er door geoefend (gumnazo) zijn.  Hier zien we weer het ‘Gumnazo-Principe’ naar voren komen als een Bijbelse manier om te groeien naar het beeld van Jezus, groeien in heiliging, omgaan met geploeter in je leven enz…

Worstelen en ploeteren zijn eigen aan een Christen

Mocht je dus iemand zijn die, bij het terugblikken op de voorbije week, moet besluiten dat het een en al geploeter en geworstel was met je geweten en je eigen ik, mag je dit zien als een prachtig iets.  Het is niemand anders dan de Heilige Geest die het willen en het werken van de christen bewerkt en het prachtige is… Hij gebruikt het ‘Gumnazo-Principe’.  Stap voor stap leidt Hij Gods kinderen naar het beeld van Jezus, ieder volgens zijn mogelijkheden, ieder op een unieke, op maat gemaakte manier.  Dus mocht je je de vraag stellen: ‘waar blijft die Heilige Geest tijdens mijn geploeter?’  Wel, die is volop bezig!

Maak je dus niet ongerust, maar geniet van iedere dag die de Heer je geeft.  ‘All included’, dus ook van alles wat in die dag op je pad komt, want dat zijn de dingen die God gebruikt om Zijn ‘Gumnazo-Principe’ in praktijk om te zetten in je leven.

Wat jezelf betreft, blijf volharden in het vallen en opstaan.  Blijf jezelf  ‘oefenen in de godsvrucht’ en wordt zo een wijs persoon die stilaan de valkuilen in zijn leven op voorhand ziet aankomen en zo tijd genoeg heeft om ze te ontwijken.

Het ‘Gumnazo-Princpe’, een eenvoudig principe dat ieder kind kan begrijpen maar slechts weinigen toepassen.

Soli Deo Gloria