G.O.L.D. 4 Life

Nederlandstalige mede-christenen helpen om God meer te ontdekken via Zijn Woord en Hem beter te leren dienen voor ’t leven.

De kerk kan niemand redden?!

door Even bezinnen4 reacties

‘Mijn kerk kan mij niet redden en jouw kerk kan jou niet redden.  Dit komt doordat geen enkele kerk voor ons stierf.  Geen paus, geen bisschop, geen voorganger, geen evangelist kan ons redden omdat niemand van hen voor ons stierf.  Maar hier is de naam van Degene die wel voor ons stierf.  Het is JEZUS!  JEZUS! JEZUS! JEZUS!  Enkel Jezus redt!’
(~ Reinhard Bonnke)

Evangelist Reinhard Bonnke had het niet beter kunnen verwoorden: Er is enkel verlossing door het offer van Jezus Christus!  ‘Ik ben de Weg, de Waarheid en het Leven. Niemand komt tot de Vader dan door Mij’, waren de woorden van Jezus zelf (Joh.14:6).  De mensen kunnen talloze manieren bedenken en religies ontwikkelen, maar niet één daarvan kan een ziel bevrijden van haar zondige natuur en bijhorende zondeschuld.  Bovenstaande citaat is dus volledig waar.  Maar…

Helaas wordt een deel van dit citaat vaak ook uit haar context gehaald door enkel de eerste zin sterk te benadrukken: ‘Mijn kerk kan mij niet redden en jouw kerk kan jou niet redden.’  Waarin schuilt hier het gevaar?  In het willen benadrukken dat de kerk, zoals we die al 2000 jaar kennen, een door mensen bedachte institutie is en dat het tijd wordt dat de mensen gaan beseffen dat het allemaal draait om een persoonlijke relatie met Jezus.  Een individueel zoeken naar Gods wil, een persoonlijke wandel met de Heer, het beleven van een unieke ervaring.  Hoezeer dit alles in zekere zin ook waar is, schuilt er toch een gevaarlijke leugen achter.  Namelijk het onderwaarderen tot zelfs het willen uitsluiten van de kerk zoals de Bijbel deze omschrijft.  De tegenwoordige gelovigen zijn het niet meer altijd eens met de formule die Gods Woord weergeeft als het om de kerk of gemeente gaat.  Vele gelovigen komen niet meer graag op regelmatige tijdstippen samen (Heb.10:25).  Vele gelovigen willen hun niet onderwerpen aan het gezag van oudsten (Heb.12:17).  Vele gelovigen willen niet terecht gewezen worden door een andere gelovige wanneer ze zondigen (Mat.18:15). Vele gelovigen willen zelfs niet spreken over hun relatie met de Heer (1Pet.3:15).  Als verdedigingswapen wordt dan ook makkelijk gegrepen naar bovenstaand citaat: ‘Mijn kerk kan mij niet redden en jouw kerk kan jou niet redden’ en wijzen ze vooral op de persoonlijke exclusieve aard van hun geloof waarin enkel Jezus kan redden.  Geloof is voor hun iets ‘mystieks’ tussen hun en God, iets waar niemand anders zich mee hoort te moeien.  De kerk wordt voor hun hieraan ondergeschikt geacht, in vele gevallen zelfs gezien als een struikelblok voor hun geloofsgroei.  ‘De kerk kan toch niets doen, enkel Jezus!’

Ondanks dat ik deze reactie voor een stuk wel begrijp, er zijn namelijk vele kerkgangers die zich behouden voelen omdat ze bij een kerkgenootschap horen, wil ik toch even kort stilstaan bij de waarde die de kerk heeft.  De regelmatige bijeenkomst van gelovigen die Christus willen aanbidden.  Ja, het draait allemaal om Jezus, maar, diezelfde Jezus heeft zich onlosmakelijk verbonden met de kerk!  Hij heeft zichzelf voor de gemeente (de kerk) overgegeven.

‘Mannen, heb uw eigen vrouw lief, zoals ook Christus de gemeente liefgehad heeft en Zich voor haar heeft overgegeven.’
(Ef.5:25; Gal.1:4)

Jezus Christus voedt en koestert de kerk.

‘Want niemand heeft ooit zijn eigen vlees gehaat, maar hij voedt en koestert het, zoals ook de Heere de gemeente.’
(Ef.5:29)

De gemeente is Jezus’ lichaam.  Het belichaamt Jezus hier op aarde.  Anders gezegd, de gemeente doet momenteel het werk van Christus, ze vertegenwoordigt Jezus Christus.

Samen bent u namelijk het lichaam van Christus, en ieder afzonderlijk Zijn leden.’
(1Kor.12:27; Ef.5:30; Rom.12:5)

Inderdaad, enkel Jezus redt, maar… wie kan zeggen dat hij of zij Jezus heeft leren kennen zonder de getuigenis van een andere Christen eerst te hebben gehoord?

‘Hoe zullen zij in Hem geloven van Wie zij niet gehoord hebben? En hoe zullen zij horen zonder iemand die predikt? … Zo is dan het geloof uit het gehoor en het gehoor door het Woord van God.’
(Rom.10:14,17)

Die bijzondere Jezus, die een exclusieve, intieme en persoonlijke relatie onderhoudt met iedere christen, heeft Zichzelf verbonden met de kerk.  Zijn liefde, Zijn bescherming en Zijn zegen geeft Hij bovenal doorheen de kerk.  Doorheen de gemeenschap van de heiligen.  In Zijn lichaam voorziet Hij alle leden, alle gelovigen, van bepaalde genadegaven.

‘Maar nu heeft God de leden, elk van hen afzonderlijk, in het lichaam een plaats gegeven zoals Hij gewild heeft.’
(1Kor.12:18).

Hij gaf in de gemeente verscheidenheid van gaven, talenten en bekwaamheden zodat alle gelovigen de juiste zorg konden krijgen.

‘God heeft het lichaam (de gemeente) zo samengesteld, dat … de leden voor elkaar gelijke zorg zouden dragen.’
(1Kor.12:24-25)

God heeft de gemeente, de kerk, voorzien van het nodige om Zijn liefde, Zijn zorg en Zijn barmhartigheid vorm te geven.

‘Laat ieder de anderen dienen met de genadegave zoals hij die ontvangen heeft.’
(1Pet.4:10)

Het stellen dat de kerk dus niemand redt is dus in zekere zin iets te kort door de bocht, omdat Jezus er zelf voor heeft gekozen om doorheen de kerk te werken.  Wanneer een gelovige ervoor kiest om zich los te scheuren van de lokale gemeente en een alleenstaande gelovige te worden, ontzegt hij of zij hierbij dus de grootste zegen die de Heer hem, op deze aarde, wil geven, namelijk de gemeenschap met Christus doorheen Zijn gemeente.  Hij stelt zichzelf kwetsbaar op voor allerlei dwalingen en invloeden en geeft zichzelf eigenlijk over ‘aan de satan, tot verderf van het vlees’ (cf.5:5; 1Tim.1:20).

Zelfs het Oude Testament maakte duidelijk hoe rijk ‘de gemeenschap van de heiligen’ was, omdat God daar Zijn zegen eropuit stuurt!

‘Zie, hoe goed en hoe lieflijk is het dat broeders ook eensgezind samenwonen... Want daar gebiedt de HEERE de zegen en het leven tot in eeuwigheid.’
(Psalm 133:1,3)

Daarom benadruk ik liever niet dat mijn kerk mij niet kan redden, maar zeg ik eerder dat Christus mij redt en behoudt doorheen Zijn kerk.

Soli Deo Gloria

Reacties

4 Reacties

  1. Erik

    Goed doordachte praktische theologie voor het dagelijks leven!

    Antwoord
  2. Tim

    Ik ben weggegaan bij mijn gemeente,omdat iedereen in tongen spreekt en bid tot God maar dat kan toch niet zo zijn,dat is niet het tongen uit de bijbel wat menselijke talen waren om het evangelie te verspreiden in een taal die je niet machtig was en ook niet aan te leren zoals ze bij ons beweren,en geen engelentaal zoals ze bij ons beweren en satan het ook nog eens niet verstaat,terwijl hij ook een engel is natuurlijk,hoe sta jij daar tegenover…?En aangezien ieder een andere gaven krijgt van de Heilige Geest,kan het toch niet zo zijn dat iedereen een tong is ipv verschillende delen van het lichaam en de gaven zijn ook altijd voor opbouw van de gemeente en niet om jezelf te stichten zoals Paulus zegt.En je moet ook alles toetsen volgens de bijbel,bidden om het ook te verstaan en anders moet men zwijgen in de gemeente…dus wat er 2000 jaar geleden fout ging in Korinthe gebeurt bij ons nu weer dus wat zeg jij hier allemaal van…?

    Antwoord
    • Bart Aerts

      Hoi Tim,

      je maakt een aantal goede observaties. Maar eerst en vooral, wat ik ervan denk of hoe ik er tegenover sta, doet er eigenlijk niet toe. Het gaat erom wat God doorheen de Bijbel erover aan ons wilt zeggen. We staan hier niet zo vaak bij stil, maar alles wat God in de Bijbel heeft doen opschrijven is nuttig voor ons en getuigt van Zijn wijsheid. Zo ook met die gave van het spreken in ‘tongen’. Tegenwoordig wordt dit gezien als iets bovennatuurlijks waarbij jij je terecht afvraagt waartoe dit allemaal dient. Wat voor zin zou het hebben om een of andere ‘engelentaal’ te kunnen spreken of een taal ‘die satan zelfs niet verstaat’. Waarom zou God ons zulke onverstaanbare klanken laten uiten in het bijzijn van anderen? Mij lijkt dit nergens getuigen van enige wijsheid.

      Als we dan de Bijbel erbij nemen en we gaan naar Handelingen 2:4-11, wordt al gauw duidelijk wat er op Pinksterdag had plaatsgevonden. Het eerste zichtbare effect dat de vervulling van de Geest bij allen in de bovenzaal was dat ze spraken ‘over de grote werken van God ‘ (Hand.2:11). Na het overweldigende geluid van de wind te hebben gebruikt om de aandacht van allen te trekken en een menigte bijeen te brengen, overtuigt de Heilige Geest nu deze menigte dat deze gelovigen in Jezus vol toewijding de ene ware God wilden verkondigen en aanbidden. Om het bovennatuurlijk werk van de Geest in hun harten te bewijzen liet de Geest hun deze woorden spreken in de talen van de toeschouwers. Het Pinksterfeest deed ‘godvrezende mannen uit alle volken’ naar Jeruzalem afzakken, zowel Joden als proselieten. Zeer waarschijnlijk waren velen van deze mannen zowel het Hebreeuws als het Grieks of de taal van het gebied waarin ze verbleven machtig. Toen ze dan de eenvoudige ‘Galileeërs’ hoorden spreken in hun ‘eigen talen’, werden ze met stomheid geslagen. Hier was geen rationele verklaring voor dan dat het God zelf moest zijn die hun hiertoe in staat stelde.
      Voor de ongelovige Joden moet dit schrikwekkend zijn overgekomen. In de wet stond immers geschreven: ‘Door mensen die een andere taal spreken, en door andere lippen zal Ik spreken tot dit volk, en ook dan zullen zij niet naar Mij luisteren, zegt de Heere’ ( 1Kor. 14:21; cf. Jes.28:11). Voor hen was het horen van de grote werken van God in andere talen een teken van oordeel dat aan hun werd kenbaar gemaakt. God die hun doorheen deze woorden wees op hun ongeloof (cf.1Kor.14:22). Anderzijds getuigde dit ook de start van het Nieuwe Verbond dat volledig werd bewerkstelligd door Jezus’ leven en offer en nu door de heilige Geest tot uitvoering gebracht zou worden in het vormen van de gemeente. Deze gave van het spreken in andere talen werd daarom ook gegeven om te getuigen van de overgang van het Oude Verbond naar het Nieuwe Verbond. Een Nieuw verbond waarin Joden, Samaritanen en heidenen allen gelijk zijn en door het geloof gereinigd worden (Hand.15:8-9).

      Het spreken in ‘tongen’ of beter gezegd, in andere talen was in de tijd van de apostelen een vervulling van een profetie van Jesaja, een profetie die wees op hun ongeloof. Daarbij werd door Gods Woord te verkondigen in allerlei talen, het voor de Joden ook duidelijk dat nu ook de Samaritanen en de heidenen in het Nieuwe verbond waren opgenomen. En daarnaast was het ook van praktisch nut dat het Evangelie makkelijker verspreid kon worden. Het spreken in tongen was een wondergave die bevestigde dat de woorden die de apostelen spraken van God kwamen. Om te bevestigen dat hetgeen de apostelen leerden werkelijk woorden van God waren, werden zij toegerust met de mogelijkheid om ‘veel wonderen en tekenen’ te doen. Dit was niets nieuws voor de Joden. Telkens wanneer God een nieuwe openbaring gaf, vergezelde Hij dit met ‘wonderen en tekenen’ om de echtheid van deze openbaring aan te tonen. Om dezelfde reden deed ook Jezus Zijn wonderen. ‘Gelooft u niet dat Ik in de Vader ben en de Vader in Mij is? De woorden die Ik tot u spreek, spreek Ik niet uit Mezelf, maar de Vader, Die in Mij blijft, Die doet de werken. Geloof Mij, dat Ik in de Vader ben en de Vader in Mij is, en zo niet, geloof Mij dan om de werken zelf’ (Joh.14:10-11). De mogelijkheid om wonderen te doen werd ook niet aan iedereen gegeven, maar enkel aan de apostelen en hun dichte verwanten (zoals Filippus in Hand.8:13). Het doel van de wonderen en tekenen, het bevestigen dat de nieuwe openbaring van God kwam, wordt ook duidelijk omschreven in Hebreeën 2:3-4: ‘Hoe zullen wij dan ontvluchten, als wij zo’n grote zaligheid veronachtzamen, die in het begin door de Heere is verkondigd, en die aan ons is bevestigd door hen die Hem gehoord hebben. God heeft er bovendien mede getuigenis aan gegeven door tekenen, wonderen en allerlei krachten, en gaven van de heilige Geest, overeenkomstig Zijn wil.’
      God liet de apostelen hun prediking vergezellen van wonderen en tekenen om te bevestigen dat het werkelijk Zijn boodschappers waren. Met het stilaan voorbijgaan van het tijdperk van de apostelen en het daarbij vervolledigd worden van de Schriften in de vorm die wij nu kennen als het Nieuwe Testament, ebde ook deze tekenen en wonderen weg omdat de nood om bevestiging van deze woorden ook verdween. De apostelen hadden al ruim aangetoond dat de woorden die ze spraken en uiteindelijk geïnspireerd door de Heilige Geest ook opschreven, werkelijk woorden van God waren (cf.2Tim.3:16). Zo kunnen nu al de woorden die iemand verkondigd getoetst worden aan de Bijbel. Dit wil niet zeggen dat God geen wonderen meer laat plaatsvinden. God doet nog steeds wonderen als antwoord op de gebeden van Zijn volk, maar deze wonderen zijn niet meer van die aard zoals de eerste gemeente deze zagen gebeuren. Het grootste wonder dat we vandaag de dag nog geregeld zien gebeuren is dat van een verdorven hart dat zich na het horen van het Evangelie keert tot God en zich vormt naar het beeld van Zijn Zoon.

      ‘k Hoop dat dit je denken wat richting geeft en je vragen beantwoord. Misschien als laatst nog een opmerking, de gave van het spreken in tongen werd nergens in de Bijbel ‘aangeleerd’, de apostelen kregen deze gave ineens en volledig van het ene moment op het andere (cf.Hand.2:6,7).

      Vriendelijke groetjes,

      Bart

      Antwoord
  3. Tim

    Ja precies dat haal ik ook uit de bijbel en ze worden in mijn ogen ook misleid,want toets alles en behoudt het goede zegt de bijbel,want als dat tongen van satan komt,want die imiteert alles van God(en vooral de opgehouden tekenen zoals tongen profetie en heling)en als je het niet toetst met een vertaler van tongen erbij,kan je zomaar aan Godslastering doen,want je weet toch niet wat je zegt en dat is er link,en dat is bij vele ook gebeurt heb ik al vele malen gelezen,en er was zelfs een vrouw die binnen 30 sec doorkreeg van God of iets van God of niet kwam,zoals een droom die ik had over een christen waar ik zat waar ik mee zat te zoenen en zuur uit haar mond kwam(tongen komt vanuit de mond) en andere christenen die erbij stonden zeiden dat mn gezicht er binnen een half uur zou afvallen en de steekwoorden die ik daar uit haal zijn: zuur,christenen en afvallen oftewel een afvallige zure christen en toen ik Galaten 5:9 erbij pakte las ik : (Maar als er één verkeerd wil, steekt hij de hele groep aan.)Een beetje zuurdeeg maakt het hele deeg zuur.

    Antwoord

Een reactie versturen

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Translate »