“Marktdenken in de kerk – Gaat het evangelie in de uitverkoop?” van Gary Gilley is een schitterend boek. Het doet me kritisch nadenken over de manier waarop vele plaatselijke kerken functioneren.

Entertainment en de Bijbel

In hoofdstuk 2 schrijft hij over de tendens van entertainment. Overal vinden we entertainment terug: op tv, in het onderwijs, op de radio, op het internet, in de cinema en… ook in de kerk.

Op blz. 25 wordt de definitie gegeven van entertainment:

“Het scala van activiteiten dat is bedoeld om persoonlijke voldoening en genoegen te bewerkstelligen”

Na een kort Bijbelonderzoek blijkt dat de Bijbel plezier, lachen of vermaak niet veroordeelt, maar dat ze ons aanspoort zowel het doel ervan als het motief erachter, te onderzoeken.

Entertainment en onze cultuur

Televisie was een grote doorbraak in het entertainen. Op blz. 31 wordt deze scherpzinnige observatie gemaakt:

“Het probleem is niet dat televisie ons amusante programma’s voorschotelt, maar dat elk onderwerp als amusement wordt gepresenteerd.”

Jan met de Pet is het gewoon om informatie op een amusante manier te ontvangen. Zou hij dat ook van de kerk, en met name van de prediking verwachten?

Entertainment en de kerk

Ja hoor, vele mensen verwachten dat de kerk ook mee de entertainment-tour opgaat. Gilley schrijft op blz. 34:

“De grote massa immers, die intussen was afgericht om consument te zijn, was ook geleerd dat verveling de ultieme zonde is. Daar ligt de verklaring voor de opkomst van de marktgerichte kerk, zij speelt namelijk perfect in op de onverzadigbare behoefte aan amusement die je tegenwoordig in heel de maatschappij aantreft.”

Jan met de Pet is consument geworden. En zo wil hij ook aan zijn trekken komen in de kerk. Hij is consument en de kerk moet aan zijn behoeften en verwachtingen voldoen.

Zien we het gevaar? Wie komt steeds meer centraal te staan? God of Jan?

Van karakter naar persoonlijkheid

Heel boeiend is de verschuiving van belangrijkheid in onze cultuur. Wat vinden we belangrijk? De conclusie lezen we op blz. 34:

“De vroegere puriteinse cultuur, die gericht was op productie van goederen, eiste en waardeerde wat karakter werd genoemd, een wezenlijk onderdeel van iemands morele ruggengraat.

De nieuwe, consumptiegerichte cultuur eiste en respecteerde daarentegen wat persoonlijkheid werd genoemd, waarbij het de doorslag geeft hoe je bij de ander weet over te komen.”

Dit heb ik recent vaak mogen ervaren in mijn sollicitatieperiode. Tijdens vele gesprekken bleek telkens dat de recruiter meer interesse heeft in mijn persoonlijkheid (hoe ik over kom), dan in mijn karakter (wie ik moreel ben).

Gilley gaat verder:

“Het is dus logisch dat binnen de puriteinse cultuur de nadruk gelegd werd op waarden als hard werken, integriteit en moed.

In de nieuwe cultuur van imago en persoonlijkheid kwam de nadruk te liggen op charme, het vermogen anderen te boeien en ervoor te kunnen zorgen dat men aardig wordt gevonden.”

En deze instelling vinden we massaal terug bij kerkgangers.

  • De persoonlijkheid van de voorganger wordt belangrijker dan zijn karakter.
  • Hoe hij overkomt wordt belangrijker dan zijn morele standaard.
  • Hoe hij predikt wordt belangrijker dan wat hij predikt.

Gaat er al een belletje rinkelen?
Welkom bij entertainment in de kerk.

Op blz. 36 ontdekken we deze goed herkenbare observatie:

“Té veel christenen laten zich, net als hun niet bekeerde tegenhangers, imponeren door schijn en uiterlijk in plaats van door iets wezenlijks. Ze zijn uit op spanning en opwinding in plaats van op inhoud en zijn geneigd om eerder te reageren op emotionele manipulatie dan op een rationeel betoog.”

Wat is het probleem?

Kan het nog mooier samengevat worden dat op blz. 37?

“Het probleem is dat het bij entertainment in de eerste plaats gaat om het behagen van de grote massa, terwijl het belangrijkste doel van echt christendom is om de Heer te behagen.”

De grote massa of de Heer? Wie willen we behagen?

Conclusie

Gary Gilley eindigt het hoofdstuk op blz. 38 met deze Bijbelse opdracht:

“God wil dat zijn kinderen nadenken, redeneren, analyseren en studeren. Hij heeft ons Zijn Woord gegeven in de vorm van beweringen. Het is een Woord dat we zorgvuldig en grondig moeten analyseren willen we het begrijpen.”

Hij verwijst naar deze opdracht van Paulus aan ons:

“Doe uw uiterste best om uzelf welbeproefd voor God te stellen, als een arbeider die zich niet behoeft te schamen en die het Woord van de waarheid recht snijdt.”
(2 Timoteüs 2:15)

Wauw, laten we dan ook Gods Woord onderzoeken, beredeneren, analyseren en studeren. Zodat we het correct kunnen en zullen uitleggen.

Soli Deo Gloria

Voorbeelden van entertainmentgerichte kerken

Amerikaans? Het denken achter deze praktijk vinden we ook bij ons terug in Europa, ook al heeft het misschien een andere vorm of zijn we zo ver nog niet…