Soms vinden mensen dat eigendommen bezitten een vorm van hebzucht is. Ze denken dat persoonlijke bezittingenĀ  niet zouden bestaan in een perfecte, zondeloze wereld.

Deze gedachte is niet bijbels. In de 10 geboden gaf God volgend bevel:

U mag niet stelen.
– Het 8ste gebod, Exodus 20:15

Door het geven van deze opdracht bevestigt God de geldigheid van het bezitten van eigendommen. Deze opdracht zou namelijk nonsens zijn als God niet wilde dat wij persoonlijke eigendommen bezaten. Ik mag jouw auto niet stelen omdat die van jou is, en niet van mij.

Het eigenaarschap van bezittingen is een fundamentele manier waarop wij Gods soevereiniteit over het universum imiteren door het uitoefenen van onze “soevereiniteit” over een mini-gedeelte van het universum: onze persoonlijke bezittingen.
– Wayne Grudem

Eigenaarschap & Rentmeesterschap

Eigenaarschap van bezittingen is eigenlijk niet helemaal correct. Het bezitten van eigendommen komt niet helemaal overeen met de realiteit. We zijn eigenaar van onze eigendommen en toch ook weer niet. We bezitten onze bezittingen en toch ook weer niet.

Een betere term is rentmeesterschap van bezittingen omdat dit ons herinnert dat wat wij bezitten uiteindelijk niet ons bezit is. Onze eigendommen zijn uiteindelijk niet ons eigendom. Hetgeen wij denken te hebben is uiteindelijk niet van ons.

Mij behoort al het gedierte van het woud,
het vee op bergen, rijk aan runderen.
Ik ken al het gevogelte der bergen,
wat zich roert op het veld, staat Mij ter beschikking.
Psalm 50:10-12

De schepping staat ter beschikking van God. God bezit alles. Wij niets.

Onze bezittingen zijn uiteindelijk van God. De aarde en haar volheid is van de Heer (Psalm 24:1). Wij zijn slechts de rentmeesters die beheren wat in realiteit tot God behoort. Wij zijn de tijdelijke beheerders van Gods tijdelijke schepping.

Wayne Grudem schrijft op blz. 20 van “Business for the Glory of God” dit schitterend stuk:

“Wanneer wij verantwoordelijke rentmeesters zijn en zorg dragen voor ons speelgoed op 4-jarige leeftijd of een heel bedrijf beheren op 40-jarige leeftijd, als wij dit werk doen “als voor de Heer”, dan ziet God onze imitatie van Zijn soevereiniteit en Zijn andere attributen, en verheugt het Hem.”
– Wayne Grudem

Onze bezittingen benutten

Dus wat horen we te doen met onze bezittingen?

  1. Schenken
    Zodat ook anderen deze bezittingen wijs kunnen gebruiken (Heb. 13:16; Spreuken 3:9; Hand. 20:35).
    Geven is belangrijk want het demonstreert ons vertrouwen in God.
  2. Onderwerpen
    Haal op een verantwoorde manier het maximale uit de schepping om te gebruiken (Genesis 1:28).
  3. Genieten
    Met dankbaarheid vreugde ervaren van onze bezittingen (1 Tim. 6:17).
  4. Bewaren
    Eigendommen bewaren voor later gebruik in de toekomst, voor onszelf of voor onze nabestaanden (1 Tim. 5:8).

Conclusie

Bezittingen zijn niet slecht van nature en eigendommen bezitten is niet verkeerd in zichzelf. Eigenaarschap is niet moreel neutraal maar juist moreel goed omdat het geschapen is door God. Eigenaarschap van bezittingen biedt vele mogelijkheden om God te verheerlijken door bezittingen juist te benutten.

Mijn verlangen is dat u een groeiend verlangen heeft om wijs met uw bezittingen om te gaan, tot eer en glorie van de Echte Eigenaar.

Soli Deo Gloria

Gebaseerd op hoofdstuk 1 “Ownership” uit “Business for the glory of God” van Wayne Grudem.